100 Jaar AEE

 

Op 18 februari 2003 bestond de AEE (toen AAE) precies 100 jaar. Voor vier spoorwegliefhebbers aanleiding het voormalig spoortraject tussen het Bouwhuistunneltje in Enschede en het station Ahaus eens te onderzoeken op nog zichtbare restanten van deze lijn.

Op die dag vertrekken Albert Platvoet, Gerard Calis, Paul Buschers en Manuel van der Wal op hetzelfde tijdstip als 100 jaar geleden van het voormalige AVIA-tankstation Zuiderspoor.

 

De spoordijk van de lijn Enschede-Hengelo, waar elke tien minuten een trein voorbij raast, is het eerste zoekpunt. Het Bouwhuistunneltje, waar de GOLS-lijn Boekelo-Enschede Noord dwars door deze spoordijk liep, is verdwenen - alhoewel, het schijnt nog steeds in de spoordijk te zitten - maar staande boven op de dijk is in de verte nog duidelijk te zien waar “Enschede aansluiting” (Ea), het begin van de AEE-lijn, gelegen moet hebben.

Nadat in 1974 alle rails van de lijn zijn verwijderd, heeft men op bijna het hele spoorbed de natuur zijn gang laten gaan en heeft tot een weelderige begroeiing geleid. Het emplacement Enschede Zuid kreeg zelfs een bijna parkachtig uiterlijk. Op die mannier is het hele traject bijna aan het oog onttrokken, maar als je weet waar je moet zijn, zoals wij aan de hand van oude foto’s, is elke plaats niet moeilijk terug te vinden.

Ondanks de wild opgeschoten berken kun je de licht gebogen lijn, die de GOLS richting Ea maakte, nog steeds waarnemen. Je moet er wel even bij stil staan, maar dan is zelfs ook te zien dat GOLS nog een tiental meters in oostelijke richting is verlegd om ruimte te maken voor de eerste ontwerpen van de westelijke invalsweg (Westerval). Aanvankelijk was het de bedoeling de Westerval vanaf de A35 via de H ter Kuilestraat te laten lopen. Inspraak van aanwonende maakte die omlegging nutteloos, want de weg ligt nu op de voormalige AE-spoorlijn.

 

Bij Ea zijn de sporen duidelijk waarneembaar. Niet alleen de randen van de spoordijk zijn zichtbaar, zelfs het grindbed ligt er nog en je zou er zo weer een nieuwe lijn op kwijt kunnen.

Bij de aanleg van de Westerval is Ea eerst nog gehandhaafd, want het raccordement Gebr. Kooy 1 was toen nog volop in gebruik. Dit laatste stukje is pas in 1990 geruimd en de oude rails doen nu nog dienst bij de MBS in Haaksbergen. Door het hoogteverschil tussen het Kooy-raccordement en de daar pal tegenaan liggende weg was wel een damwand nodig. En die ligt er nu nog steeds.

 

Verderop komen we langs het tankstation van Tango, de Ferrari-showroom van Munsterhuis, het garagebedrijf van Bennie Wilmink en de kantoormeubelenhandel van Bureau en Zo. Het tracé is hier uitstekend te volgen aan de hand van de loop van de Westerval.

Het spoor kruiste vroeger de Volksparksingel met een door spoorbomen bewaakte overweg. Daar is niets meer van te zien. Het stuk vanaf de Singel tot aan de Emmastraat is overwoekerd met uitzondering van een aan het begin van de 2e Emmastraat, dat als parkeerplaats dienst doet. Links staat het appartementencomplex Denneboom. Het gebouw is genoemd naar de hier vroeger gevestigde houtzagerij Denneboom. Tot aan de opheffing voorzag het bedrijf in zijn eigen energievoorziening met een 2 cilinder Stork stationair dieselmotor van 2,5 meter hoog, die nu in het museum Heim te Hengelo is te bewonderen. De oude benzinepomp die buiten voor de machinekamer stond is nog terug te vinden in de collectie Platvoet.

Bij de appartementen tegenover de winkel van de heer Slot, ja hij heeft de zaak weer uit het faillissement van zijn opvolger terug gekocht, vinden we op de parkeerplaats wel een opmerkelijk detail uit de spoortijd. Hier staat nog een stuk spoorrail rechtop in de grond. Hopelijk blijft die als aandenken aan de stoomtijd gewoon staan.

 

De overweg in de Zwedeweg is natuurlijk allang verdwenen. Aan de overkant maken zware grondverzetmachines het spoortracé op dit moment bouwrijp voor de nieuwe wijk De Groene Bogen.

Het stuk even verderop langs de voormalige machinefabriek Sanders, waarin al weer jaren de fa Louwers met zijn textielmachinehandel is gevestigd, is nog niet omgewoeld. Misschien moet men dit stukje maar handhaven, want de wildgroei heeft hier een fraai beukenlaantje gevormd.

Trouwens,  als je de oude grote montagehal van de machinefabriek Sanders even op je laat inwerken dan merk je dat het toch een opmerkelijk voorbeeld van grootschalige industriebouw is, die Enschede buiten de textiel eigenlijk maar weinig bezat. Jammer dat dit niet behouden blijft.

“Jullie zijn net op tijd, want volgende week gaat het tegen de grond”, aldus Hans Louwers, als we hem benaderen om binnen een paar foto’s te maken. Bijna alle overige gebouwen van het complex, inclusief de hallen van ijzergroothandel Vlietjonge zijn al gesloopt en Louwers vertrekt in december met zijn kantoor naar zijn nieuwe locatie aan de Getfertsingel, waar vroeger een textielfabriek van Gerhard Jannink stond.

 

De bewaakte overweg in de Blekerstraat heeft niet veel sporen nagelaten. Aan de westkant van de straat hebben de bewoners de spoorgrond stilletjes bij hun tuinen getrokken. Aan de oostkant van de straat is de breedte van de spoordijk nog wel te zien door een hekwerk rondom een gasverdeelstation. In de verte zien we de oude hal van Hinzbergen, die vorig jaar failliet ging en daarachter de flats aan de Haaksbergerstraat, waar het spoor precies tussen door heeft gelopen.

We moeten even omrijden om bij de nieuwe rotonde in de Haaksbergerstraat te komen. Daar lag vroeger de bewaakte overweg met een rouwbrief (inrijsein) voor de toegang tot het spoor van Enschede Zuid. Hier ligt ook nog steeds de Zuiderspoorstraat, met aan het begin het vroegere Stationskoffiehuis, in 1900 gesticht door Hendrik Lippinkhof. Het pand is in de loop der jaren enkele malen verbouwd en uitgebreid, maar staat er nog altijd.

 

De overweg en het verderop gelegen stadscentrum is vanaf de toren van Jannink vaak geschilderd en gefotografeerd en dat willen we wel eens met eigen ogen zien. Het prachtige weer op deze dag maakt een klim in de toren tot een uitdaging. De voormalige textielfabriek van Gerhard Jannink en Zn (op de pijp staat nog de oprichtingsdatum 1900) is thans in gebruik als museum met daarboven kleine appartementen. De eerste trappen zijn dan ook netjes onderhouden. Maar als we met de speciale toestemming in de echte toren belanden, vinden we nog iets terug van de sfeer waarin de fabrieksarbeider voeger in soms moeilijke omstandigheden werkte. De trappen worden smaller en leiden ons naar de hoogste verdieping. Hier moeten we In het schemerdonker om de gigantische 30.000 liter grote watertank kruipen. Ja, al in 1900 hadden deze en andere textielfabrieken een sprinklerinstallatie als brandpreventie. Dat was ook de reden waarom textielfabrieken een toren hadden. De installatie is bij de aanleg van de wooneenheden zelfs weer in gebruik genomen!

De laatste meters gaan over smalle houten treden naar het dakluik. Vanaf de toren hebben we een schitterende panoramische kijk op Enschede. We kunnen zelfs Bentheim zien liggen.

Op 32 meter hoogte ontstaat een prachtig beeld van de omvang die het voor die tijd al forse rangeerterrein gehad moet hebben. Mooi is te zien hoe de Zuiderval exact de zelfde plaats in neemt, Aan de randen is nog de oude op het spoor gerichte bebouwing aanwezig, met aan het begin het Stationskoffiehuis “Lippinkhof”, waar nu de groothandel Vihamij is gevestigd. Als we op de toren van Jannink wat verder naar rechts kijken, zien we (80 jaar geleden) het Station Enschede Zuid met het emplacement Zuiderspoor liggen. Het stationsgebouw gaat net schuil achter de boom midden op de foto. Tegenwoordig ligt er de Zuiderval met busbaan, die precies het oude spoortracé volgt. De schoorsteen staat er nog wel en er achter is nog net het gebouw Het Perron aan de Zuiderspoorstraat te zien. Verderop op nr. 13 is nu Mediant/Het perron gevestigd, maar was vroeger de Broodfabriek Twentse Coöperatie tot Steun in den Strijd. Die lag recht tegenover het station, waar de grootvader van mevrouw Fennie Seijdell, eigenaresse van het elektrotechnisch bedrijf op nummer 15, ooit stationschef was.

Op 19-21 is sinds 1928 de brandstoffenhandel van de firma Platvoet gevestigd en de luifel van het huidige tankstation is nog een deel van de vroegere loods waar in de winter grote bergen kolen lagen opgeslagen. In de straatstenen is de loop van het raccordement Platvoet nog terug te vinden.

 

Aan de andere kant van de Zuiderval aan de Industriestraat, die vroeger slechts als parallelweg werd aangeduid, staan nog de panden van Ockinga en Van Dam.

De spoorbrug Brug Zuid, later W.Nijkampbrug, is met de aanleg van de Zuiderval in 1997 gesloopt.

Even over de Singel liggen nog de loodsen van de fa De Visser. Hier is nog duidelijk te zien hoe het raccordement naar de fabriek van Jannink in de Cromhof liep.

Verderop aan het zuidelijke deel van de Zuiderspoorstraat staat alleen nog de kopgevel van de vroegere houthandel Beltman. De hal die hier vroeger aan de Lippinkhofsweg stond moest plaats maken van een gigantische berg zand, vrijgekomen bij de aanleg van de parkeergarage onder het Van Heekplein en die straks het enorme gesaneerde gat van de vroegere gasfabriek moet vullen.

 

Ook verderop voorbij het gasfabriekterrein volgt de Zuiderval exact het voormalige spoortracé. De weg gaat na de snelweg over in de Buurserstraat en maakt evenals het spoor vroeger een lichte bocht. Daar waar nu de Vlierstraat de Buurserstraat kruist, lag de spoorwegovergang met woning 4. Er is nog kleine stukje van de oude originele Buurserstraat ten noorden van de overweg blijven liggen. Dat is nu een fietspad en heet Hazelaarstraat.

 

Daar waar de Bruurserstraat vroeger pal naast het spoor lag, ligt nu het fietspad, de straat is opgeschoven tot op de spoordijk en erlangs ligt nu een geluidswal. In die wal zit een opening voor fietsers en voetgangers naar de achter de wal gelegen woonwijk. Hier begon vroeger de Zuidesmarkerrondweg. Maar ook lag hier het raccordement van de kolenhandelaren Wevers, Elshof en Weening. De oude eikenboom tussen de jonge sprieten moet vrijwel zeker uit de tijd stammen. Verderop na de rotonde is de Buurserstraat hetzelfde gebleven. De spoordijk boog hier langzaam van de weg af, en dook het landgoed Smalenbroek in. Er zijn vijvers aangelegd, maar daar de dijk is verder nog aanwezig en fungeert als voetpad voor de vele wandelaars die van het fraaie landschap genieten.

Twintig meter voorbij de inrit naar parkeerplaats en de boerderij Smalenbroek is de zandweg naar de vila Smalenbroek. Daarin is nog duidelijk de bult te vinden waar passanten het spoor over moesten. In het naastgelegen weiland heeft de ploeg alles uitgewist.

We nemen het spoor weer op in de Smalenbroekweg. Hier is door de licht oplopende straat de plek waar de overweg lag makkelijk te vinden. Vanaf de “overweg” is zowel in noordelijke als zuidelijke richting de spoordijk volledig in takt.  Maar je moet niet te proberen daar nog een stuk van te volgen, want zelfs te voet is dat met al die wilde begroeiing bijna niet te doen.

De dijk tussen de Smalenbroekweg en de Arendsweg is aan beide zijden met een fors stalen hek afgezet. De zin daarvan blijft onduidelijk.

 

Ook de Arendsweg heeft nog steeds met een lichte glooiing vanwege het vroegere spoor. We staan hier even stil en proberen ons voor te stellen hoe het geluid geklonken moet hebben van de Wismar railbus die de MBS hier in 1969 nog liet rijden en die de heer de Graaf zo mooi op foto heeft vastgelegd.

Tussen de Arendsweg en de Haarweg is van de spoordijk niets meer te zien. Het hele zandbed is verwijderd. De indeling van het wei- en bouwland stamt kennelijk nog van voor de aanleg in 1903, want het lijkt alsof er nooit een spoor heeft gelegen. Tenminste, vluchtig gezien. Want als je zoals wij iets beter kijkt kun je toch iets heel opmerkelijks zien. De stoppels van de vorig jaar geoogste maïs laten toch twee kaarsrechte lijnen zien die de vroegere loop van de spoordijk verraden. Kennelijk waren de sloten langs de dijk vruchtbaarder dan het bouwland ernaast. De maïs doet zich daar na zoveel jaar kennelijk nog steeds zijn voordeel mee.

 

We draaien ons om en kijken op het vroegere emplacement Broekheurne met de in 1953 gebouwde woning van de familie Gabriëls die hier een trufstrooiselfabriek hadden. Het spoor is weg, maar alle gebouwen die vroeger tot het station Broekheurne behoorden staan er nog steeds en worden nu door particulieren bewoond. Bij het station Broekheurne wacht ons een aangename verrassing. Mevrouw H J Ros, die al sinds 1970 in het station (Arendsweg 102) woont en aan wie we onze komst vooraf hadden gemeld, vond de dag belangwekkend genoeg om de vlag uit te steken en een herdenkingsplaat van 100 jaar AEE op te hangen. Bijzonder attent.

Het station is geheel in originele staat, inclusief de woning. Binnen zijn wel wat aanpassingen gedaan, maar het noordelijkste deel is ook van binnen in de oude staat gelaten. Zelfs het wapen met de Nederlandse leeuw uit de tijd dat hier nog de douane vertoefde, is nog steeds te zien.

 

Het spooremplacement doet nu dienst als tuin van de diverse bewoners. Het grootste deel is met bomen overwoekerd. Op nummer 90 staat nog steeds het zelfde woonhuis, waar vroeger de familie Gabriëls woonde. Nu woont daar de Jan ter Heegde met zijn vrouw en haar tweelingzuster. Haar Jan had verderop in het land een boerderij, die nu door zijn zoon bestiert wordt. In de goederenloods op nummer 98 woont al jaren de heer H Morselt, waarvan verschillende kunstwerken in Enschede te zien zijn. Naast het station, in de dubbele douanewoning (nr 108) woont al jaren de familie Heringa met zijn poolhonden. In de laatste douanewoning op 116, woont stoffeerder Meijer.

De turfstrooiselfabriek van Gabriëls wordt nu door de heer H Dillerop uit Enschede gebruikt als zagerij voor openhaardhout en voor de stalling van caravans. Het nabij gelegen is nu een zomerhuisje. Hier loopt de Arendsweg dood tegen de grens. Vroeger kruiste hier het smalspoor van de fabriek naar het Amtsvenn de spoorlijn.

 

Ook vlak over de grens zijn de rails verdwenen. Die vinden we pas terug als we naar Alstätte rijden. Je moet wel de vuilstort gepasseerd zijn, maar de eerste spoorwegovergang die de rails nog heeft behouden is pas na veel omzwervingen op de Brinkerhook te vinden. Toch moeten we nog vijftig meter naar het zuiden doorlopen, voor zover de houtvoorraad van een naast wonende en de ook hier onstuitbare wildgroei dat toelaat, om ter hoogte van het clublokaal van de plaatselijke voetbalclub het spoor te vinden. Alhoewel het de aanblik van de rails voor spoorliefhebbers als wij een verrassing is, is het toch jammer dat duidelijk te zien is dat hier al decennia lang geen trein meer heeft gereden. Daarvoor moeten je echt verder naar Alstätte. Daar rijdt nog af en toe het verzamelde antieke materiaal van de Euregio Eisenbahn. Daar ook staat het fraai gerestaureerde stationsgebouw, waar de Ahaus-Alstätter Eisenbahn nu kantoor houdt. De AAE is de rechtstreekse opvolger van de AEE en houdt zich bezig met de verhuur van goederenwagons door heel Europa.

Een paar kilometer voorbij Alstätte ligt Wessum, waar nog enkele oude wagons op een zijspoor staan. Het stationnetje is er helaas niet meer.

Het einde van de lijn ligt in Ahaus, met de aansluiting (Aa)op het Duitse spoorwegnet.

toen

Enschede-aansluiting (Ea)

2003

2003

Westerval.

 

Machinefabriek Sanders

Jammer dat dit prachtige industrieële erfgoed niet bewaard is gebleven. De laatste jaren had Hans Louwers er zijn handel in textielmachines.

Blekerstraat

Haaksbergerstraat en centrum

Jannink

Zuiderspoorstraat en nu Zuiderval

Buursestraat

Arendsweg (Broekheurne)

station Broekheurne

Ter gelegenheid van het 100 jarig bestaan van de AEE vond er tussen Alstätte en Ahaus een speciale herdenkingsrit plaats met de Pengel-Anton van de Euregion Eisenbahn Alstätte.

Inrijsein Ahaus

 

ca 1975

 1949

ca 1910

1905

1940

1963

1969

Brug Zuid, opgeblazen in 1945 en herbouwd in 1952 als Weth Nijkampbrug

Zuiderval

In de verte ligt Alstätte

 

het zuiderspoor    enschede

13

Etsen

aansluiting van de lijn in Ahaus

station Alstätte (gerestaureerd)

 

Foto: J G C van de Meene

Historie

laatste update: 12 november 2017